248. Onze tuin: upcycling all the way!

Toen we gebouwd hadden en verhuisd waren, was onze tuin een grasvlakte zonder veel meer. Wij houden erg veel van een mooie, groene en bij voorkeur ecologische tuin, maar daar was zo vlak na het bouwen geen budget voor. Nu, najaar en anderhalf jaar later, hebben we een groene tuin waarin we ons helemaal thuis voelen en waar alles bloeit en bloemt. Héérlijk!

Dit is ons gelukt dankzij veel recuperatiematerialen die we her en der zijn mogen gaan halen, dankzij de gulle gift van mooie planten en dankzij onder andere Pinterest en magazines voor de ideetjes 🙂
In deze blogpost neem ik je dus even mee in onze tuin. In het midden is er nog gras, een stuk dat nog niet is rechtgetrokken en dat we bewust al stukken kleiner hebben gemaakt. Onze moestuin is omringd door europalletten.

Van daaruit maakten we een border in hout, met houten kepers die niet gebruikt waren in het houtskelet.  Daarin staan bramenstruiken van bij mijn schoonouders. In de border kunnen ze dan niet zo erg gaan woekeren.

In de achterste border maakten we een insectenhotel van een europallet en allerhande materiaal dat we vonden of nog hadden liggen. In de zomer hebben we hier een muur van zonnebloemen gehad, echt prachtig.

Dan hebben we twee compostvakken gemaakt van europalletten. Daarnaast hebben we over 14 meter een border gemaakt met gerecupereerde betonnen boordstenen. Daar staan een aantal struiken met bessen in en ook de heerlijke grondbedekkende bosaardbeitjes. Al deze struiken hebben we trouwens uit de tuin van mijn tante. Er staat ook een gerecupereerde ladder in waar plantenzakjes aanhangen die we nog hebben van op kot. Het kastanje hekwerk kregen we van een collega en gebruikten we in de border tegen de betonnen omheining om deze visueel wat te breken. We hingen er om de paar meter een bokaaltje aan dat licht geeft op zonne-energie. Die waren nieuw, maar dat was de finishing touch van ons werk 🙂

 

Ook de terrasmeubels maakten we zelf: een robuusten tafel en bank van europalletten, gecombineerd met 4 terrasstoeltjes die we ook nog hadden van op kot (in die tijd ook al tweedehands gekocht trouwens 🙂 ).

Links van de moestuin maakten we een supermooie kippenren (daarover binnenkort meer). Onze werftoilet die we van Fieke van Fiekefatjerietjes kregen en waar wij destijds een composttoilet van maakten, werd ontdaan van toilet en dergelijke en wordt nu hergebruikt als tuinkotje voor grasmachine, schuppen en harken en de voorraad kippenvoer. Daarnaast maakten we een border waar we de overschot aan gewapend betonnetten hergebruikten als klimrek voor drie soorten clematis. De border is gemaakt van ecolat, dat kochten we nieuw maar is ecologisch: gefabriceerd uit 100% gerecycleerd kunststofafval en met een bijzonder lange levensduur.

Op één van de sokkels die al klaarstaan voor de vergunde maar nog niet geplande aanbouw, hebben we een klein vijvertje in een gerecupereerde teil naar een idee van Bartel van Riet.

Ons terras bestaat uit een tafel en een bank van palletten, aangevuld met stoelen die we op kot al hadden staan. En omdat ons huis op sokkels staat en dus niet direct aan de grond komt, hebben we in de tuin met palletten makkelijk toegankelijke trappen gemaakt.

Aan de voordeur recupereerde ik het onderstel van een Singer naaimachine en combineerde het met een oude bierbak. Afhankelijk van het seizoen plant ik er iets of leg ik er zoals nu wat pompoentjes in 🙂

In de voortuin recupereerden we een oude kruiwagen die we goed gebruikt hebben tijdens de bouw maar nu echt versleten was. Hier maakten we een rotstuintje van met verschillende soorten sempervivum in. We maakten er een schorspad dat we ook afbakenden met ecolat. We bakenden een stuk af met de overschot van het kastanje hekwerk. Tegen de garage van de buren zetten we een taxushaag die we van Kris zijn opa kregen, hij kweekt die plantjes zelf.

En daarnaast gaat onze kruidenspiraal met de grootste aandacht lopen natuurlijk. Die is gemaakt van een hele hoop bakstenen die we op en in de grond terugvonden. Belangrijk is dat je zorgt voor een goede fundering, dat geheel weegt wel wat! Wij gebruikten steenpuin dat we nog hadden liggen. We maakten het geheel egaal met chapezand. En dan begonnen we te leggen, na een aantal rijen steeds tussenin al opvullend met zwarte grond. Uiteindelijk plantten we dan de kruiden. Dat is echt een supergroot succes, de kruiden groeien echt heel erg goed en zijn al verdrievoudigd in omvang. Hiernaast zie je onze kruidenspiraal in opbouw.

 

212. Mini-woonboek mét DIY-ideeën

musthave“Musthave” – een woord dat je tegenwoordig overal hoort en leest en waar ik een erge hekel aan heb. Dat bepaalt wat iedereen zou moeten hebben en per definitie leuk zou moeten vinden… Een woord dat enige vorm van creativiteit ook per definitie uitsluit, want je koopt het en zet het ergens, of doet het aan, of gebruikt het en klaar.

mini-woonboekDaarom is het misschien op het eerste zicht bizar om dit te koppelen aan het mini-woonboek, maar dat vind ik net niet. Een beetje design kan zeker verzoend worden met upcycling, hergebruik en duurzaam leven. Denk ook maar aan het boek “Upcycling – Afval wordt design” dat ik hier eerder al aan bod liet komen. Wat ik graag doe, is overal (op internet, op pinterest, in tijdschriften en boeken, in mijn omgeving,…) inspiratie opdoen en daar een eigen mix van maken.

En dan bedoel ik zeker niet dat je dat dan allemaal moet gaan kopen!

Vaak kan je supermooie design spulletjes op een eenvoudige manier zelf maken. En zolang je die dan niet verkoopt, maar gewoon binnen de huiselijke woonkamer laat, is daar ook helemaal niets mis mee! Ben je een creatief persoon, dan maak je er een eigen twist aan maar als dat niet zo is, houd je je gewoon vrij goed aan het origineel!

Verder is het dan weer superhandig om bepaalde merken of benamingen te leren kennen, dan kan je op die termen zoeken om iets tweedehands te scoren. Er zijn nu éénmaal mensen die graag vaak van interieur veranderen en hun ‘oude’ spullen die gewoon nog superhip zijn, dan wegdoen…

En daarom is het Mini-woonboek (en bij uitbreiding het Woonboek) gewoon superleuk om ideeën op te doen! Het boek is erg mooi vormgegeven en staat barstensvol ideeën. Doorheen het boek wordt aandacht besteed aan upcycling en tweedehands gekochte spulletjes. Achteraan staan ook een aantal DIY tips en ook een aantal leuke (web)shops.

Zie bijvoorbeeld de ombre ladekast, een geüpcyclede kast waarvan je elk schuifje in een donkerdere kleur verft dan het schuifje erboven:

Of waar ik persoonlijk ook zot van ben: een “huisje” dat enorm makkelijk te maken lijkt, met beschrijving, waarin de kindjes een gezellig lees- en speelhoekje hebben:

Hieronder een aantal voorbeelden van design voor in de kinderkamer dat je zelf kan maken, al dan niet met een eigen touch:

Kussentjes van züDe kussentjes van zü: je tekent een wolkvormpje en knipt dat twee maal uit stof. Je neemt naald en en een dikkere draad en je borduurt daar die oogjes en dat mondje mee op één stofje. Leg goede kant op goede kant van beide stofjes, en naai alles op een halve of hele cm, laat een keergat van min. 5 cm over. Geef wat knipjes in de randen en draai je wolkje met de goede kant naar buiten. Je kan het wolkje nu vullen met oude kussenvulling en dan naai je het keergat met de hand toe. Een klein projectje dat snel klaar is en direct geef je een leuke touch aan je interieur!

Doosjes van BloomingvilleDe houten doosjes van Bloomingville: ook deze kan je eigenlijk makkelijk maken.Heb je nog ergens houten doosjes staan, of wil je dit met wijnkistjes doen? Alles is mogelijk. Schuur ze indien nodig even op (hoeft niet als het onbehandeld hout is). De buitenzijde kan je eventueel met kalkwas behandelen om zo’n licht witte schijn te krijgen. De binnenzijde lak je met een restje lak dat je misschien nog hebt staan, of in hetzelfde kleurtje als datgene waarmee je bijvoorbeeld een oud kastje een nieuw kleurtje gegeven hebt.

Op de interieurblog Woonblog vind je trouwens nog meer DIY ideeën mét uitleg! Deze blog is van de mensen achter het Mini-woonboek én van de webshop Wolf en wolkje. Wil je je tweedehands, geüpcycled of zelfgemaakt interieur toch pimpen met iets nieuw, neem dan ook eens een kijkje op de webshop van Wolf en wolkje!

Het mini-woonboek is geschreven door Tom Cole en Britt Sebrechts en is te koop voor €24,95.

Dit boek heb ik gekregen als recensie-exemplaar. Ik kocht het boek dus niet zelf, maar alles wat hierboven geschreven staat is mijn eigen mening.

193. De vegarevolutie! [ recensie mét recept ]

afbeelding-boek-cover-VegarevolutieDe vegarevolutie, geef toe, dat klinkt aanstekelijk! En dat is het ook. Dit boek is geschreven door de prille twintiger Lisa Steltenpool. Het is haar debuutboek, maar het smaakt naar meer (letterlijk en figuurlijk). Ze is de voorzitter van de stichting Viva Las Vega’s en heeft haar eigen foodblog, Early Dew.

Het is vind ik een ideaal boek voor wie pas veganistisch (of vegetarisch) eet, of het overweegt. Het geeft in een eerste deel informatie over het veganisme, onderbouwde informatie over gezonde, plantaardige voeding en zet allemaal feiten op een rijtje over de vee-industrie en het milieu. En dat is gewoon heel leuk en goed geschreven: geen droge boel waar je je moet doorworstelen, maar heel toegankelijk en duidelijk! (Waarmee ik zeker niet wil zeggen dat een doorwinterde vegan hier niets meer uit kan leren.) Dat eerste deel van het boek is opgesplitst in alle soorten revoluties:

  • de vegarevolutie (vier revoluties in één),
  • de gezondheidsrevolutie (hoe veganistisch eten je gezond en fit houdt en bijvoorbeeld de heel goeie tabel “vitamines en mineralen: waar ze te halen”),
  • de dierenrevolutie (hoe jij honderden dieren kunt redden en bijvoorbeeld 4 misvattingen over dierenrechten),
  • de duurzaamheidsrevolutie (hoe jij (bijna) alle problemen van de wereld oplost),
  • de revolutionair (hoe jij overleeft als veganist in een niet-veganistische wereld),
  • de revolutie van je leven (hoe veganisme je leven verandert met heel handig: wat je allemaal als vegan in je voorraadkast moet hebben staan).

Vervolgens krijg je ruim 50 simpele recepten waarmee je meteen aan de slag kan. Dankzij de supermooie foto’s en vormgeving, heb je ook meteen zin om erin te vliegen! Bij de recepten is ook plaats voor aantekeningen, iets wat helemaal mijn ding is: een recept is vaak nooit 110% zoals jij het wil. Ik heb een fichenbak met allemaal recepten die ik her en der vond en daarnaast ook nog wel wat kookboeken: daar schrijf ik ook steevast wat bij. Het gaat dan om de porties (te groot, te klein,..) of de smaak (meer of minder kruiden, …). Een kookboek moet volop gebruikt worden en dat mag je eraan zien ook vind ik 🙂

Vooraan in het boek staat een inhoudstafel met de recepten, wat alvast handig is! Ze zijn opgedeeld in ontbijt, lunch, diner, desserts & gebak, snacks & tussendoortjes en drankjes & smoothies. Ik probeerde ondertussen al een heel deel recepten en die waren stuk voor stuk erg goed! Er staan er ook zeker nog een paar op mijn ‘to cook’-lijstje 🙂

De nutella french toast is er nog niet van gekomen, maar pure chocolade, avocado, een beetje suiker en zonnebloemolie: dat kan niet slecht zijn! Ook de lunchideetjes ga ik één voor één testen: ik vind dat persoonlijk het moeilijkst… Het ontbijt en diner dat lukt me ondertussen wel, maar de lunch (als het geen slaatjes zijn), vind ik niet makkelijk om een goed en lekker recept te vinden dat ik niet al beu ben na een paar happen. De quinoa-bonenburger staat deze week nog op het menu!

tropische ijsjesDe tropische ijsjes met perzik maakte ik met de ijsvormpjes die ik bij Kudzu kocht. Het recept is héél makkelijk: 200 ml volvette kokosmelk, 2 perziken (vers of uit blik) – 200 g aardbeien (vers of diepgevroren) – 50 agavesiroop of mable syrup: alles blenden en in de ijsvormpjes gieten. Na een drietal uren heb je lekkere ijsjes! Hoeveel ijsjes je eruit haalt, hangt natuurlijk af van de grootte van je ijsvormpjes.

Verder maakte ik ook al de Indiase samosa’s met raitadip. Daar heb ik tot mijn grote spijt geen foto van getrokken: we hebben die geserveerd als er bezoek was en ben de foto toen vergeten te trekken.

Benodigdheden voor 10 samosa’s:
  • 10 vellen filodeeg
  • 1 zoete aardappel (à 175 gram)
  • 100 g doperwten
  • 1 kleine ui
  • 2 teentjes knoflook
  • 2 tl kerriepoeder en 2 tl garam massala
  • 1 tl komijn
  • 1/2 tl cayennepeper en 1/2 tl gemberpoeder
  • 1/8 tl zout
  • 2 el sesamolie
Benodigdheden voor de raita dip (ik vond dit een beetje teveel, de helft is zeker genoeg):
  • 150 ml sojayoghurt
  • 1/8 komkommer
  • 1 teentje knoflook
  • 1 handjevol muntbladeren
  • zout naar smaak
Bereiding:

samosas

Haal het filodeeg uit de vriezer en laat op kamertemperatuur ontdooien onder een natte doek om uitdroging te voorkomen. Schil de zoete aardappel en snijd in blokjes van 2×2 cm. Kook de zoete aardappel 10-15 minuten in ruim water. Voeg dan de doperwten aan de pan toe en kook nog eens 5 minuten op een hoog vuur. Giet de groenten af en laat de groenten in de pan staan.

Snijd de ui en knoflook fijn. Meng de specerijen samen in een bakje. Verhit sesamolie in een koekenpan en bak hierin de ui, knoflook en specerijen. Bak 2 minuten en voeg het dan samen met het zout toe aan de pan met groenten. Stamp het geheel grof.

Verwarm de oven voor op 175 graden. Neem het filodeeg en snijd bij de vouwranden het filodeeg om zo langwerpige vellen te krijgen.

Neem een vel filodeeg en beleg de onderkant met een flinke lepel vulling. Vouw de linkeronderhoek naar rechtsboven tot op een hoogte van 1/3 van het filodeeg. Vouw dan naar boven en herhaal deze volgorde totdat de samosa volledig gevouwen is. Leg de samosa’s op bakpapier en smeer rijkelijk in met olie. Bak de samosa’s 25-30 minuten.

Voeg de sojayoghurt in een schaaltje. Was de komkommer en haal het zachte vruchtvlees eruit. Rasp de komkommer en voeg toe aan de soyayoghurt. Pers een teentje knoflook uit en snijd de muntbladeren fijn. Voeg de knoflook en de munt samen met wat zout toe aan de dip. Meng goed en serveer koud.

eigen opmerkingen bij het recept (en daar is die plaats voor aantekeningen dus goed voor):

  • in plaats van een zoete aardappel kan je ook een gewone aardappel gebruiken
  • in plaats van de samosa’s rijkelijk in te smeren met olie, doe ik dat zuinig met een kwastje (resultaat was zeker ook goed)
  • ik haal het zachte vruchtvlees niet uit een komkommer, tenzij ik ook nog komkommersoep maak, anders doe je daar toch niets meer mee en gooi je dat toch maar weg
  • het concept van meerdere groenten in één pot te koken (eventueel het ene er later in doen dan het andere), of het kookwater hergebruiken: dat doe ik vaak! je bespaart hier niet alleen energie, maar ook water mee!
  • voor het plooien van de samosa’s zijn er veel manieren. de beste die ik vond was deze: je vertrekt van blaadjes van ongeveer 5 op 20 cm en volgt dan dit filmpje.

Enige wat ik minder vond in het boek:
de knalblauwe kleurstofsprinkles op de
chocolade cupcake-ijsjes met kokosslagroom
.

Over die smurfenkleur is de laatste tijd al veel geschreven:
E 133 zou als risico’s hebben: hyperactiviteit, astma, netelroos,
slapeloosheid en geldt als kankerverwekkend..
Maar laat die blauwe sprinkles eraf en vervang ze door nootjes ofzo 😉

Een heel leuk boek om in huis te hebben, ik ben er supercontent van! Zowel de recepten als het informatieve deel zijn héél mooi vormgegeven, geïllustreerd met mooie foto’s die zin geven en ook inhoudelijk heel goed. Een aanrader, als cadeautje, of gewoon voor jezelf  🙂

Praktisch:
richtprijs: €19,95
te koop bij de boekhandel
de website van de Vegarevolutie
de Facebookpagina van de Vegarevolutie 
de website van Viva las Vega’s

Dit boek heb ik gekregen als recensie-exemplaar. Ik kocht het boek dus niet zelf, maar alles wat hierboven geschreven staat is mijn eigen mening.

85. Upcycling recycling downcycling?!

Recycleren kent vast iedereen, maar ken jij ook upcycling en downcycling? Upcycling is het hergebruiken van afval waarbij een product ontstaat met een gelijke of hogere zuiverheid dan dat het oorspronkelijke. Dit is het tegenovergestelde van downcycling, waarbij het product kwaliteit inlevert na een recycleerronde. Nu je het verschil weet tussen beide, ga ik daar terug even van afstappen. Met deze post wil ik je immers gewoon warm maken om zelf eens twee keer na te denken vooraleer je iets weggooit. Soms is het evident om iets te hergebruiken, maar soms ook helemaal niet. Sommige mensen hebben een creatieve geest, anderen omzeilen die door gewoon eens een rondje te googlen en te kijken wat andere creatieve geesten bedachten. Soms kan je het hergebruiken zelf organiseren, soms wordt het al georganiseerd en kan je er gewoon gebruik van maken.

Het voordeel is eerst en vooral natuurlijk dat je je afvalzak aanzienlijk doet verkleinen. De lege Brita-filters kan je bijvoorbeeld bij BioPlanet weer binnen doen en via een circuit bij Brita worden deze dan hergebruikt, en (echte) kurken van wijnflessen doe je binnen bij een inzamelpunt van Le Petit Liège. Meer over sorteren en recycleren lees je in een eerdere post die ik hierover schreef.  Maar wanneer je zelf iets aanpast om het zo op een heel andere manier toch nog heel nuttig te gebruiken, heb je daar ook gewoon veel voldoening van (ook als het niet perfect gelukt is van de eerste keer, Michelangelo’s eerste kunstwerk was vast ook gewoon spuuglelijk).

Klik hier om verder te lezen