240. De fiets op met een baby

Een tijdje geleden schreef ik over de fietsen die wij hebben en die afgestemd zijn op het type rit en de situatie. Sinds ons zoontje in ons leven kwam, was dat een extra uitdaging. Baby’s mogen en kunnen niet zo snel meegenomen worden met de fiets.

Iets wat zeker niet mag, is een baby meenemen in een draagzak of draagdoek. Je ziet het meer en meer in het straatbeeld, maar dit is echt gevaarlijk. Als je van je fiets valt, heb je vaak een letsel aan je borst van het stuur. Stel je voor dat je baby daartussen zit. Ook naar het opvangen van schokken is dit verre van ideaal. Iemand meenemen op de fiets is volgens de wegcode trouwens alleen toegelaten als je fiets beschikt over “een ingerichte zitplaats”.

maxicosidrager

bron: steco.nl

Wat een makkelijke en relatief goedkope optie is, is een maxicosidrager op je bagagedrager. Voordeel is dat deze een vering heeft, maar daar stopt het, vind ik persoonlijk… Als je nu valt met de fiets, blijft de maxicosi dan wel vast op je fiets staan (als je die goed bevestigd hebt), maar je baby maakt een heuse schok door, wat echt niet goed is. Als je een bakfiets hebt, een driewieler, dan heb je natuurlijk meer stabiliteit en kan je niet omvallen. Als je bak niet groot genoeg is voor een maxicosi en andere kindjes of spullen die je wil vervoeren, kan deze maxicosidrager wel een oplossing zijn.

fietsstoeltje

Je denkt dan misschien: “en een fietsstoeltje dan?”. Zodra je baby stevig zit, mag hij mee in een fietsstoeltje. De zitbalans van je baby is goed als hij vanuit kruiphouding zelfstandig kan gaan zitten. Vaak is dat tussen de 6 en 9 maanden, dus dan heb je nog wel even te overbruggen al je daarvoor al graag je baby meeneemt met de fiets. Over fietsstoeltjes ga ik het hier dus verder niet hebben, dat is voer voor een blogpost op een later moment.

bakfiets

Een bakfiets is een optie, maar dan moet je wel rekening houden met een goede vering. Bij voorkeur heeft zowel de bak een vering, als ook het zitje waar je baby in zit. Wij zagen echter een aantal elementen waarom we niet standaard de babyverplaatsingen met de bakfiets wilden doen. Eerst en vooral: als je ergens naartoe gaat en dan ter plekke blijft. Ik denk aan: naar de markt gaan, naar een winkel gaan, naar Planckendael gaan,… Als je je baby in de bakfiets in een maxicosi meeneemt, zou hij dan verder mee moeten in de maxicosi. Te lang in een maxicosi zitten is niet goed voor zijn ruggetje. Daarnaast is veel sleuren en rondwandelen met een maxicosi ook niet goed voor jouw rug 🙂 En als je de buggy ook nog moet meenemen, ben je wel héél veel aan het meesleuren.
Vervolgens: als mama de baby naar de onthaalmoeder brengt en papa de baby bij de onthaalmoeder oppikt, heb je een probleem tenzij je allebei een bakfiets hebt. De bakfiets daar laten en dan met plooifietsen werken, leek ons wat omslachtig.
Tot slot: een babyschaal in een bakfiets zonder vering, daarmee kan je eigenlijk geen kleine baby mee vervoeren. Dat geeft veel teveel schokken, die zijn nekje nog niet kunnen opvangen. Je kàn een baby goed vervoeren in een bakfiets, maar let dan goed op die vering. Afhankelijk van het type rit dat jij aflegt, kan het zeker, maar niet altijd.

fietskar

En dan… de fietskar. Iets waar ik voorheen eigenlijk altijd wat tegen was. Want ze zitten laag bij de grond, ik had schrik dat de kar in het donker niet voldoende zichtbaar zou zijn, je ziet ze niet zitten tijdens de rit, … Maar ik zag ook voordelen: met meerdere koppelstukken kan de fietskar makkelijk bevestigd worden aan meerdere fietsen (mama, papa, grootouders of zelfs een gehuurde fiets op reis). Zo werd het ook mogelijk dat de ene de baby naar de onthaalmoeder bracht, de kar daar liet (als zij dat goed vond) en de andere met de kar terugkwam. Al googlend kwam ik terecht op fietskarinfo.be. Wat fijn is: ze hebben daar een gigantisch aanbod, zowel aan fietskarren als bakfietsen. Vaak kan je er niet veel zien en moet je zo maar beslissen, maar ik wou het verschil zien om een goeie beslissing te nemen. We maakten een afspraak om de uitleg over de fietskarren te krijgen en werden meteen veel wijzer.

De allergoedkoopste fietskaren op de markt verkopen ze niet, omdat die niet veilig zijn naar vering of stabiliteit toe, of bijvoorbeeld teveel afgesloten zijn, waardoor ze teveel opwarmen op een warme zomerdag. Dan heb je een brede range van goedkoop tot duur, afhankelijk van het type ritten dat je ermee wil maken. Als de rit niet té ver is, raad ik je een bezoek bij fietskarinfo.be echt aan: wij zagen na de uitleg duidelijk de verschillen, die zich natuurlijk uiten in verschil in prijs, maar zo konden we een beredeneerde keuze maken. Om het kort te zeggen: een fietskar zonder vering en met een babyschaal is goed voor een recreatief fietstochtje op zondag op het jaagpad (vrij effen en dus weinig schokken en ook geen urenlange tocht). Omdat wij de fietskar dagelijks gaan gebruiken om zoonlief naar de onthaalmoeder te brengen, en daarnaast ook voor kleine uitstapjes, kozen wij voor de Thule Lite: bij de duurdere, maar niet de duurste. Een goeie vering, een hangmat en geen statische babyschaal, een vijfpuntsgordel en een makkelijk systeem om de fietskar af te koppelen en deze verder als buggy te gebruiken. Je kan er zelfs mee joggen of skiën 🙂

Onder de drie maanden wordt het wel afgeraden om fietstochtjes te doen van langer dan een half uur, maar dat is bij ons geen probleem: wij wonen nét iets te ver van de onthaalmoeder om het traject altijd te voet te doen, maar met de fiets is dat echt maar een aantal minuten.

Mag dit tevens ook een oproep zijn om je transportmiddel voor je baby niet zomaar online te kopen? Wanneer de fietshandelaar meteen je hangmat installeert, je nog een uitleg geeft bij de verkoop, je ook een service na verkoop aanbiedt, zijn dat zaken die echt de moeite waard zijn! Wanneer een fietskar naar jou opgestuurd wordt en je na het ineen zetten merkt dat er ergens iets scheef staat, gaat de online verkoper dat wijten aan transport, wat op jouw kosten is. Voldoende redenen om dus niet zomaar online te kopen!

Review

Intussen gaat ons zoontje een maand naar de onthaalmoeder en kunnen we al een beeld vormen van de kar. We zijn er heel blij mee en het advies dat we kregen heeft er zeker toe bijgedragen dat het de kar was die bij ons paste.

Voordelen:

  • heel makkelijk in gebruik: dankzij de gekleurde knoppen zie je meteen waar je kan drukken om de kar in te klappen of aan te passen. de kar is minder breed dan sommige andere karren, waardoor wij op de stationsbruggen van Muizen makkelijk door kunnen.
  • comfortabel voor de baby: dankzij de vering aan de wielen en de hangmat met vijfpuntsgordel krijgt hij weinig schokken. Hij heeft er nog nooit wenend in gezeten en dat was met de maxicosi ooit wel anders… Hij kijkt altijd rustig rond en geniet van het ritje. In deze fietskar hangt een baby of zit een peuter of kleuter wat onderuit en zitten ze niet kaarsrecht, wat aangenamer is voor langere ritjes ook;
  • veilig: dat was voor ons heel belangrijk: het is een heel stabiele kar en de baby zit er echt goed vast in;
  • makkelijk te gebruiken als buggy: als je ergens naartoe fietst, kan je daarna je fiets achterlaten en verder wandelen met de kar als buggy. Ze is superlicht en wendbaar en niet te breed, waardoor je (bijna) overal door kan;

Wat is wennen:

  • dat de baby achter je zit, de eerste paar ritten vonden we dit wennen, maar we weten nu dat hij er goed in zit en omdat de kar goed rijdt, word je hier geruster in;
  • het loskoppelen van de fietskar: we doen dit nu bijna dagelijks dus het gaat beter en beter, hoe vaker je het doet, hoe sneller/handiger je erin wordt. het is natuurlijk ook evident dat de fietskar niet met één klik los is vanje fiets, dat zou de veiligheid niet ten goede komen.

Zwakste punt:

  • de plastic regenbescherming: dit zeiden ze ook al in de winkel: die is erg strak gemaakt en ze past dus goed, maar op de één of andere manier hadden we toch een scheurtje in de plastic. Gelukkig hebben we dit snel gemerkt, een beetje overplakt met zwarte duct tape en nu gaat het goed.
Safety first!

De kar heeft wel reflectoren achteraan, maar ik vond dat toch niet voldoende. Op het Belgisch platform Veilig in het verkeer vind je een gigantisch aanbod aan producten om veiliger in het verkeer te bewegen. Ik vond deze producten ideaal om de fietskar beter zichtbaar te maken:

  • Powerwrapz (veiligheidsband met LED) voor aan de duwstang achteraan: supermakkelijk te bevestigen, met een klikje op en af te zetten als constant brandend of flikkerend. Ik ben hier echt heel tevreden van en dit is wat mij betreft iets dat anders toch wat ontbreekt aan de fietskar. Dankzij de rode verlichting weten bestuurders dat het een ‘voertuig’ is dat voor hen rijdt en dankzij de breedte van de band leg je er de nadruk op dat het niet gewoon een fiets is.
  • Reflecterende tape: die plakte iets beter op de plastic ‘raampjes’ dan op de stof, maar is heel makkelijk te bevestigen en zorgt zo voor een betere zichtbaarheid
Lectuur

Wil je graag nog wat lezen over het meenemen van een baby op de fiets? Check dan betrouwbare websites en onthoud ook dit: de ene fietskar is de andere niet. Wanneer men op veilige manier wil veralgemenen, zal men dus vaak zeggen dat een fietskar niet kan voor kleine baby’s. Maar als je voor een degelijke variant kiest, is het zeker en vast geen probleem.

210. Een fietsblogpost (en fietsen in de regen)

Dat we geen auto hebben, dat weten jullie ondertussen vast al 🙂 sinds het moment dat we zijn afgestudeerd zijn onze mobiliteitseisen ook wat veranderd, we zijn ook van Leuven naar Mechelen verhuisd vorig jaar. In deze blogpost dus een overzicht van ons fietsenarsenaal en wat we ermee doen! Je kan misschien zeggen dat dat erg veel is en veel kost, maar als je ziet wat we uitsparen op jaarbasis, valt dat best mee! Verder vinden we ook dat we door deze besparing niet te gierig moeten zijn met onze fietsen en hun accessoires: zo hou je je het langst vol en blijft het ook comfortabel! Daarnaast hebben we deze aankopen ook geleidelijk gedaan, naargelang de mobiliteitseisen die erbij kwamen, waardoor de kost ook gespreid was. Achteraan in de blogpost nog enkele tips om fietsen in de regen minder onaangenaam te maken! (Het is een lange blogpost geworden, maar af en toe moet dat maar kunnen!)

De fietsen

ImageGenVooreerst hebben we beide onze gewone fietsen, beide voorzien van een bagagedrager en grote fietstassen. Ik heb er ook met van die tie-wraps zo’n blauw plastic fruitbakje op vastgezet. Dat zijn goede fietsen die doen waarvoor ze gemaakt zijn: vervoer van A naar B of eens een (halve)dagtocht af en toe. We zijn nu wel aan het uitkijken naar nieuwe fietsen, meer echte transportfietsen. Die hebben ook een bagagedrager vooraan aan het stuur, hebben dikkere banden zodat ze ook op kasseien erg vlot blijven rijden, hebben een dubbele staander zodat de fiets steviger staat, hebben een stuurslot zodat, als er kindjes of bagage vooraan aan het stuur hangt, je dit slot kan opzetten zodat je stuur niet wegslaat. We willen ook 7 versnellingen en geen 3, zoals ze ook worden aangeboden. In Nederland zal 3 waarschijnlijk wel meer volstaan, maar af en toe, zeker met bagage, vind ik 7 versnellingen geen overbodige luxe. We zijn ons al op een aantal plaatsen gaan informeren en de keuze is meer dan waarschijnlijk gevallen op een Cortina U5 transportfiets (een Nederlands merk dat erg vergelijkbaar is met Sparta en dat je meer en meer ook bij ons ziet rondrijden). Hiernaast zie je een afbeelding ervan in het vrouwenmodel.

Verder hebben we dan allebei onze plooifietsen. Deze worden gebruikt als we bijvoorbeeld de bus van Mechelen naar Geel nemen, om dan verder te fietsen tot waar we moeten zijn. Of als we voor het werk ergens moeten zijn wat nét te ver is om na het openbaar vervoer te voet te doen. We gebruiken ze ook soms om een Cambio wagen te gaan ophalen die iets verder staat. We hebben onze Citroën C3 volop in aanbod rondom ons, maar als we eens de grotere Opel Combo willen lenen en de dichtstbijzijnde is niet beschikbaar, dan halen we die soms snel even op met de plooifiets. In deze blogpost lees je de verschillen tussen 3 populaire plooifietsmodellen en in deze blogpost lees je waar we zoal rekening mee gehouden hebben bij de aankoop van onze plooifietsen.

1_resized_page_288_228_0_0_1Verder gebruiken we als aanvulling op de plooifietsen nu ook de Blue-bike, een abonnementsformule waarbij je in veel Belgische stations een fiets kan huren aan €1 of €3 per 24u. Dat is vooral ook handig als we echt van aan een treinstation niet ver meer moeten maar als het teveel gedoe is om de plooifietsen mee te nemen. Maar in Geel bijvoorbeeld (waar mijn schoonfamilie woont), zijn de blue-bikes niet beschikbaar in het weekend want dan is het fietspunt toe. En laat dat nu net het moment zijn waarop we ze zouden kunnen gebruiken… In een vorige blogpost lees je meer over ons gebruik van de Blue-bikes.

Een laatste aanvulling van ons fietsenarsenaal, daar droomden we al even van: een bakfiets. We hebben nog geen kinderen, dus daar was het niet voor. Maar soms moesten we nu een Cambio huren voor heel weinig kilometer te doen, maar voor iets dat echt moeilijk was met de fiets. Neem nu bijvoorbeeld onze nieuwe tv die we onlangs moesten kopen toen onze vorige tweedehands tv het begeven had: in een bakfiets leg je die mooi neer en klaar. Maar op een gewone fiets is dat niet zo praktisch… Maar bijvoorbeeld ook bloemen of planten: een beetje dat krijg ik nog in mijn bakje achteraan gezet, maar als het er meer zijn dan is er een probleem: want als ik ze gewoon in de fietszakken prop, is alles gekneusd en geknakt… Als we bij mijn ouders wat gingen helpen met de verhuis, dan was het makkelijk als we ons eigen gereedschap wat meenamen: maar dat zijn grote bakken met powertools en ander gereedschap… in de bakfiets zet je dat gewoon in, maar op een gewone fiets was dat heel wat bevestigings-, overlaad- en propwerk. Om onze kat te vervoeren ging dat wel op de bagagedrager, maar in een bakfiets zou dat ook praktischer zijn.

babboe-019-081010_2We zijn erg fan van de Babboe-bakfietsen: “van ouders voor ouders”. In de zoektocht naar een betaalbare, goede bakfiets konden een aantal ouders maar niet slagen. De kwaliteit van het aanbod in de markt was goed, maar veel te duur. Met dat beeld in hun achterhoofd, stapten zij naar een ingenieursbureau om een eigen topkwaliteit maar betaalbare bakfiets te ontwikkelen. Na twee jaar was de eerste Babboe 3-wiel bakfiets in 2007 klaar om te worden voorgesteld aan publiek. Ondertussen bestaat er ook een 2-wiel bakfiets, maar onze voorkeur gaat uit naar de 3-wiel bakfiets wegens de stabiliteit. Ik was dan ook superblij toen ik voor een prikje (€250) zo’n Babboe 3-wiel bakfiets (de Babboe Big) op de kop kon tikken in Centrum Antwerpen: op een boogscheut van bij ons! De bakfiets was niet in ideale omstandigheden gestald, waardoor de zitbankjes stuk waren, maar die hebben we er al uitgehaald wegens toch niet nodig. Het fijne is dat je echt àlles apart kan bijbestellen, van allerhande accessoires (stootranden, regentent, bakfietspyama (regenhoes), alles voor het vervoer van kindjes, …) tot een hele reeks onderdelen (zijpaneeltjes, zitbankjes, wielen, spatborden, …). Met de aankoop van een paar onderdelen (bv. die bankjes of een regenhoes) zijn we dus binnenkort helemaal gesteld 🙂 Nog één probleem: we huren momenteel een rijhuis en de bakfiets kan hier niet binnen. Voorlopig gaan we die in een garage in de buurt stockeren, maar eens we verhuisd zijn, zullen we die korterbij tot onze beschikking hebben!

Fietstassen

fietstas_schuin_webIk spaarde een aantal jaren terug voor de fietstassen van “Met belgerinkel naar de winkel”. Dat waren mooie rode tassen, speciaal ontworpen door de Belgische modeontwerper Walter Van Beirendonck, uitgebracht door het merk Basil. Ze zijn al ongelooflijk vaak gebruikt, ik heb er al massa’s en massa’s mee vervoerd en ze doen nog steeds perfect dienst! Hun kleur is zelfs nog heel mooi 🙂 In Leuven stonden onze fietsen altijd overdekt, nu in Mechelen staan ze op ons koertje, maar wel onder een fietshoes. Goed zorgen voor je gerief en het gaat eens zo lang mee zou de bomma zeggen! En gelijk heeft ze 🙂 Andere originele fietstassen, al dan niet zelfgemaakt, vind je hier.

De accessoires – want wat als het regent?!

rain

Je kan dan wel zeggen dat lachen als het regent fijn is, er zullen misschien ook effectief mensen dat vinden, maar tot dat groepje behoor ik toch niet… En toen ik laatst eens goed keek naar de gezichten van fietsende mensen in de regen, ben ik vast niet de enige…

Maar goed, om dan te zeggen dat je helemaal niet fietst als het regent, da’s dan ook weer zonde. Dus doe je toch gewoon een paar investeringen die je het leven zoveel aangenamer en makkelijker maken? Trouwens, die investeringen verdienen zich vlotjes terug als je dan vervolgens bij regen geen beroep moet doen op (deel)auto, openbaar vervoer, … Dus hieronder een paar tips 🙂

Waar je (vind ik) mee moet beginnen, is een goed regenpak. Het mijne komt gewoon van de Hema en kostte een €16. Voordeel is dat als ik naar het station moet fietsen, ik dat regenpak dan gewoon achterlaat in de fietszakken. Ik doe dat al verschillende jaren zo en het is tot op heden nog niet gepikt (hout vasthouden!).

langeregenjasspringendWat nog op mijn verlanglijstje staat is zo’n kleurrijke damesregenjas die je kan uitritsen naar een ideale regenjas voor op de fiets. En dan zie je weer dat Nederlanders daar allemaal zoveel inventiever in zijn, ze hebben ook meer fietsende landgenoten… Neem zeker eens een kijkje op hipinderegen.nl. Voor alle bestellingen in Nederland en België boven de € 100,- hoef je geen verzendkosten te betalen. Wanneer je bestelling onder de € 100,- is betaal je voor Nederland € 3,95 aan en voor België € 5,95. Je vindt ze vast elders ook, maar daar heb je toch echt veel keuze. En zo’n kleurrijke regenjas zorgt er ineens voor dat je het zonnetje bent in dat grauwe regenweer!

drycycleOp die website verkopen ze ook (storm)paraplu’s, maar niet de Drycycle. Ook iets dat alweer in Nederland verkrijgbaar is en gewoonweg to die for: het is een paraplustandaard voor op de fiets. Een systeem waarbij je een stormparaplu hebt, iets om die paraplu op je stuur te bevestigen als je fietst en als het regent, en iets om de paraplu aan je fiets te bevestigen als je fietst maar als het niet regent. Op de website van Drycycle vind je alle info.
Het fijne is dat je, als je dan te voet verder gaat, ook een superkwalitatieve paraplu hebt die niet kapot gaat, ook niet in erge storm! Het kost een kleine €70, maar dit is iets waar je nog veel plezier van gaat hebben en dat meen ik! De verzendingskosten zijn gratis. Op hun website zie je ook hoe je het moet monteren. Nu ja, monteren: op minder dan 5 minuutjes is alles gefixt!
Wat verder niet op te lossen is zonder paraplu: rijden in de regen met een bril. Nu blijft die mooi droog, maar zonder paraplu zie je gewoon echt niet veel meer als je een bril op hebt en het regent… En fietsen met een paraplu in je hand is écht geen veilige oplossing…
Ik geef toe, het klinkt als een gadget, een hebbeding, of zelfs iets voor snobs. Maar ik vind dat niet 🙂 mij helpt het om vaker de fiets te nemen, ook als het regent. Als ik bijvoorbeeld een afspraak heb bij de bank moet en het regent, dan kan ik daar niet als een verzopen soepkieke aankomen hé… Voordat ik de Drycycle had, impliceerde dit dat ik eerst te voet naar het station ging en dan een stadsbus nam tot aan de bank. Tijdrovend en nu niet meer nodig!

Hebben jullie nog een andere soort fiets in jullie arsenaal? Of een ander onmisbaar fietsaccessoire? Ik ben heel benieuwd!

207. Review: de blue-bike

imagesNa ons Cambio- abonnement en onze plooifietsen, werd onze mobiliteit enkele maanden geleden nog eens uitgebreid met een blue-bike abonnement. Als je wel eens de trein neemt, heb je die blauwe fietsen misschien al wel zien staan. De reden daarvoor is dat het een ander soort gebruik is dan de plooifiets en onze gewone fietsen.

Hoe werkt het precies? Je neemt een abonnement, dat kost amper €10 per jaar (als je lid bent van één van hun partnerorganisaties krijg je 2 gratis ritten). Je krijgt dan heel snel een kaart in bankkaartformaat opgestuurd waarmee je aan de slag kan. Je kan je dan begeven naar één van de 44 blue-bike punten in België. Met je kaart huur je dan één of twee fietsen, voor een prijs van max. €3 per 24u. Dit kan ook minder zijn door stedelijke subsidiëring. Wanneer je je fiets terugbrengt, registreert het systeem dit. Per maand en wanneer je voor minstens €10 blue-bikes ontleend hebt, krijg je een factuur toegestuurd met een overzicht van de huurperiodes.

blue-bike

onze blue-bikes op de Vismarkt in Mechelen

Enkele voorbeeldjes van recent gebruik:

  1. Wij wonen dicht bij het station van Mechelen. Als we vrienden op bezoek hebben (met het openbaar vervoer of met de auto), is het soms makkelijker om samen met de fiets weg te kunnen. Omdat we met één abonnement twee fietsen kunnen huren, kunnen we dus vrienden mee laten fietsen voor €1 per 24u:
    • onlangs kwamen er vrienden op bezoek: we huurden voor hen een blue-bike, gingen samen eten in het centrum (dat bereik je sneller met de fiets) en daarna gaven we op hun vraag nog een klein fietstochtje door het centrum om de mooie plaatskes van Mechelen te tonen (de reacties waren uitermate lovend: “mooier dan Brugge!”)
    • onlangs zijn we met een vriend naar de musical 14-18 gegaan: we huurden voor hem een blue-bike en reden samen naar de Nekkerhal. We waren sneller weer thuis dan dat sommige mensen met hun auto de parking waren af geraakt…
  2. Bij het bezoek aan een stad waarbij we op verschillende plaatsen moeten zijn, is een blue-bike heel handig. Zo deden we onlangs nog eens een dagje Leuven: wat van hier naar daar, buiten het centrum gaan eten en ’s avonds niet moeten wachten op een bus of heel lang moeten stappen vooraleer we aan het station waren om met de trein weer naar huis te kunnen. Trein+blue-bike kostte ons zo minder dan benzine van een auto + parking voor een hele dag in Leuven.
  3. Mijn schoonouders wonen in Geel en bijgevolg ook heel wat vrienden van mijn man. Als we naar Geel gaan, hangt het er vanaf hoe we dit doen: soms met de bus+plooifiets (als we op één plaats moeten zijn waar de plooifietsen veilig staan), soms met de Cambio (als we heel veel moeten meesleuren of iets kleins moeten verhuizen of erg weinig tijd hebben) en nu soms ook met de blue-bike: als we bijvoorbeeld gewoon met de “mannen” iets gaan eten of drinken in het centrum. Dan kunnen we de fiets daar veilig weg zetten zonder te moeten sleuren aan de plooifiets.
  4. Wanneer we naar zee gaan en zin hebben om in Oostende even wat rond te fietsen: ideaal voor een kort tochtje (de fietsen zijn iets te zwaar om echt een dagtocht mee te doen, maar om wat recreatief te fietsen zijn ze zeker goed!).

Ik zie zelf verschillende voordelen:

  1. de fietsen zijn altijd technisch in orde: de versnellingen, remmen en lichten werken;
  2. de fietsen zijn voorzien van een degelijk slot;
  3. het is een handig uitleensysteem;
  4. het is absoluut niet duur;
  5. je bent met je abonnement niet gebonden aan één stad (zoals de stadsfietsen van Antwerpen of Brussel bijvoorbeeld) maar je kan de blue-bike in zeer veel steden uitlenen;
  6. ik heb nog nooit voor gehad dat er geen fietsen meer waren.

Een nadeel dat ik nog maar zelden tegenkwam, is dat als de automaat het niet doet of een probleem aangeeft op een moment dat het fietspunt niet open is (in het weekend of na 19u), dan bestaat er een kans dat je de blue-bike niet kan ontlenen. Ik had het nog maar één keer voor en toen was het fietspunt nog open, maar anders zie ik niet goed een oplossing…

Ik kan het jullie dus zeker aanraden, in elk geval wanneer je af en toe de trein neemt of met de bus naar een treinstation rijdt. Je mobiliteit wordt zo voor een prikje uitgebreid! Voor alle info, surf naar hun website of facebookpagina. Op de duidelijke website vind je alle antwoorden op je vragen onmiddellijk terug! Heb jij ook blue-bike? Wat vind jij ervan? Laat het zeker weten in een reactie, ik ben heel benieuwd!

153. Fietso-watte?

AFB_mob_fietsen_FoS_pijlFOS_80_tcm7-135181De laatste tijd kwamen fietsostrades nog eens in de mediabelangstelling, daar waar dit in Nederland al veel meer ingeburgerd is. Als je eens googlet (en dan op afbeeldingen zoekt), vind je enkele mooie foto’s van zulke fietsostrades. Hoog tijd voor een interview met iemand met kennis van zaken! Veerle en haar vriend Erik maken (afhankelijk van het weer en het seizoen) in mindere en meerdere mate gebruik van de fietsostrade. Niet toevallig wonen zij ook dicht tegen de Nederlandse grens. Dankzij onderstaand interview komen we wat meer over te weten over de fietsostrades!

Wat is een fietsostrade precies?

Zoals de naam doet vermoeden, is het te vergelijken met een autostrade, maar dan voor fietsen. Het zijn fietspaden die een vlotte verbinding geven langs trajecten die veel mensen vaak afleggen. Het vlotte ligt erin dat het brede fietspaden zijn zonder al te veel omwegen en dat je niet vaak moet stoppen omdat je bijvoorbeeld een andere weg kruist en moet kijken of er auto’s aankomen. De fietsostrade bij ons loopt grotendeels langs de spoorlijn. Ik heb gezien dat dit op de meeste plaatsen het geval is. Logisch eigenlijk, de trein rijdt ook langs veelgebruikte trajecten zonder al te veel omwegen.

Waar wonen jullie en zijn er al veel in jullie buurt?

Wij wonen in Heide (Kalmthout). Er is 1 fietsostrade bij ons in de buurt, deze loopt grotendeels langs de spoorlijn Antwerpen-Roosendaal. Omdat we vlak bij het station wonen, kunnen we dus ook gemakkelijk de fietsostrade nemen.

Gebruiken jullie de fietsostrades veel en hebben jullie de indruk dat die veel gebruikt worden?

Erik gebruikt de fietsostrade het vaakst, hij is aangesloten bij een tennisclub in Essen, zo’n 13 km verderop. Dankzij de fietsostrade kan hij hier vlot met de fiets naartoe, wat hij dan ook doet zolang het weer het toelaat. Ik zelf gebruik de fietsostrade enkel in het weekend, als ik met vrienden op café ga in Wildert (Essen), of soms om naar het winkelcentrum in Kapellen te gaan, of als deel van een grotere fietstoer gewoon voor het plezier. Je staat er niet in de file zoals op een gewone autostrade, dus op die manier kan ik het gebruik niet goed inschatten. Maar ik denk zeker dat de fietsostrade voor veel schoolgaande jeugd een deel van hun route naar school is. Vroeger reed ik zelf ook (ongeveer) langs dit traject naar school, en ik merk nu met de huidige verbeteringen dat het echt veel veiliger is. Zo is er nu een tunnel onder een viaduct waar je vroeger een drukke weg moest oversteken, een heel nieuw stuk fietspad langs het spoor in plaats van een fietsstrook langs een weg iets verder die wij vroeger namen, … Het is ook gewoon leuker als je weet dat je niet constant moet opletten voor aankomende auto’s maar gewoon ontspannen kan fietsen. Voor mij nodigt dat zeker uit om sneller de fiets te nemen.

Op de website van de provincie Antwerpen over fietsostrades zien we dit beeld. Kunnen jullie stellen dat dit een representatief beeld is? Hebben jullie nog andere foto’s?

AFB_mob_fietsen_FoS_kenmerkenFoS_300_2_tcm7-135192

Ja, het grootste gedeelte van de fietsostrade die ik gebruik ziet er ook zo uit. Grote stukken zijn zelfs pas in de vorige jaren nieuw aangelegd. Op andere plaatsen gaat het om een bestaande autoluwe weg naast het spoor, die er dan soms wel wat slechter bijligt. Het blijft wel zo dat de fietsostrade nog niet volledig is. Bijvoorbeeld het eerste stukje richting Essen vanuit Heide gaat nog via een “gewone” fietsroute, pas iets verder kom je terug op een breed fietspad na het spoor. Er wordt echter wel werk van gemaakt om de trajecten nog te verbeteren. Soms zijn daar onteigeningen voor nodig, het zal waarschijnlijk ook niet goedkoop zijn en de eigenlijke werken nemen natuurlijk ook tijd in beslag. Daarom begrijp ik het wel dat alles nu nog niet meteen “perfect” is, maar zoals ik eerder al zei merk ik echt al hoe een grote verbeteringen er op sommige plaatsen zijn gebeurd. Hier vind je een overzicht van de plannen die er nog zijn voor onze fietsostrade.
Dit zijn enkele foto’s genomen vanaf het station van Heide richting Kapellen:
IMG_2705Soms is er nog een autoweg naast het fietspad. Maar op andere gedeeltes is de fietsostrade echt volledig apart aangelegd, zoals je bijvoorbeeld op de foto hiernaast kan zien. Deze is getrokken tussen Kalmthout en Essen op het “Rozemieke” (dat is de naam van het  fietspad).
Is het fietsknooppuntennetwerk ook aangesloten op de fietsostrades? En maken jullie hier gebruik van?
Dat weet ik eigenlijk niet goed, ik heb nog nooit echt de knooppuntenroutes gevolgd. Er staan bij ons in de buurt wel borden die de fietsroutes naar de nabijgelegen plaatsen aangeven, en die zijn aangepast zodat ze de fietsostrades gebruiken. 

We lazen op www.mobimix.be dat ook de provincie Vlaams Brabant fietssnelwegen plant. Hebben jullie al fietssnelwegen of fietsostrades gebruikt in andere provincies? Of in Nederland misschien? Daar zijn ze immers al wat verder gevorderd op dat vlak!

Nee, eigenlijk had ik tot iets van een 2 jaar geleden nog niet van de term “fietsostrade” gehoord, en in de periode sindsdien heb ik niet zo’n verre fietstochten gedaan dat ik tot bij een andere fietsostrade kwam. Dus als ik er eerder wel andere heb gebruikt, was dat onbewust 🙂
En jij, als lezer? Gebruik jij soms fietsostrades? Wat zijn jouw ervaringen? Laat het zeker weten in een reactie onder deze blogpost!

152. Cohousing ?! Interview met Evelyn

Vorig jaar mocht ik in het kader van het programma ‘Peeters & Pichal’ naar Freiburg, samen met Jeroen, een andere gelukkige luisteraar. De verslagjes daarover vind je hier. We ontdekten daar waarom Freiburg de groenste stad van Duitsland is, met onder andere een autoluw centrum, een gigantisch hoog aantal huizen met zonnepanelen, een heel doordacht ‘Green city’ concept en Vauban, één grote cohousingwijk.

Omdat er toch nog heel wat misverstanden zijn over het cohousen, maar ook omdat veel mensen er gewoon nog niet zoveel over weten, borrelde het idee om een interviewreeks te doen met een aantal cohousers. We zullen elke keer een reeks vragen afvuren op een cohouser, waardoor we vurig hopen dat je na het lezen van de interviews een veel beter idee hebt van wat cohousing is, en ook wat cohousing níet is.

Dag Evelyn, zou je jezelf even kort kunnen voorstellen?

Ik ben 25 jaar en sinds 2010 getrouwd met Jacob. Ik werk bij de ecologische denktank Oikos, Jacob in de windenergiesector. Dat zegt dus al heel wat over onze motivatie om te gaan ‘cohousen’. Verder ben ik actief bezig met muziek.

Wat is voor jou dé reden om aan cohousing te doen? Is die voornamelijk ecologisch, sociaal of financieel geïnspireerd of spelen er nog andere factoren mee?

Vooral de eerste twee redenen zijn belangrijk voor mij. Ik zie mijn toekomst niet gewoon als ‘huisje-boompje-beestje’, ik sta bewust in het leven en dat heeft zeker ook invloed op mijn idee van wonen. Ecologisch bouwen, met het oog op duurzaamheid, en samen met anderen bepaalde ruimtes en spullen delen, past in dat plaatje. Ik wil ook dat onze kinderen (die er voorlopig nog niet zijn) kunnen opgroeien in een propere, sociale en veilige omgeving, en ik verlang ook zelf naar een goed contact met mijn buren. Zodra we hoorden dat er iets bestond als cohousing, was een standaard woning voor ons geen optie meer: elk gezin in zijn eigen cocon, met zowel in je eigen tuin als in die van beide buren een trampoline en een schommel, ieder zijn eigen gras- of boormachine, enz., het zei me al snel nog weinig.

Wat zijn de voordelen als gezin, als ouder, als kind, om te cohousen?

Die sociale cohesie is echt een troef: een goed contact met je buren, een vertrouwelijke omgang met elkaar, … De kinderen van de verschillende gezinnen groeien een stukje samen op en kunnen gewoon vrij spelen in de tuin, terwijl er altijd wel iemand is die een oogje in het zeil houdt. Alle talenten bij elkaar zijn ook erg verrijkend, voor iedere leeftijd: de ene kan ongelofelijk goed koken, de andere kan naaien, weer iemand anders heeft groene vingers, enz. Senioren kunnen dan weer beroep doen op de buren voor boodschappen bijvoorbeeld. Er zijn ook financiële voordelen. Je kan op termijn heel wat geld uitsparen. Grote aankopen doe je samen en autodelen is perfect mogelijk.

Waar is jullie cohousinglocatie en hoe groot is deze (hoeveel gezinnen of personen) nemen eraan deel?

Wij hebben ons oog laten vallen op een veld aan de rand van de stad Sint-Niklaas. De stad is gestart met de uitbreiding van een bestaande wijk, waar zowel een groot ecologisch park als sociale huisvesting als particuliere woningen komen. Er zal minimaal autoverkeer zijn, waardoor het echt een aangenaam leefbare wijk wordt. We denken dat ons project daar ook perfect in past. De oppervlakte van de grond die we nu op het oog hebben, is ongeveer 4800 m². Ons doel is om daar 20 à 22 compacte units (gezinnen en alleenstaanden)  en een gemeenschappelijk gebouw (paviljoen) in te planten, rond een gemeenschappelijke tuin.

In welke fase zit jullie cohousingproject momenteel?

We zijn momenteel met 10 gezinnen en alleenstaanden van verschillende leeftijden, in totaal bijna 30 volwassenen en kinderen. We zoeken dus nog volop naar buren om onze groep te vervolledigen. Daarvoor organiseren we elke maand een infosessie. We richten binnenkort een vzw op om verdere stappen te ondernemen. Na een architectuurwedstrijd hebben we onlangs ook onze architect gekozen, daarmee wordt het al een pak concreter!

Wat zijn tot nu toe je beste ervaringen?  Zijn er ook al tegenvallers geweest?

In februari zijn we op weekend geweest, dat was echt een leuke ervaring! Samen eten, vergaderen, spelletjes spelen, babbelen, discussiëren, de kinderen samen zien spelen, … Het gaf ons al een voorsmaakje van wat het gaat worden, we kregen allemaal echt zin om ermee door te gaan na dit weekend samen. De architectuurwedstrijd was een uitdaging, maar werd uiteindelijk een heel boeiend en plezant proces, waarbij we ook open konden discussiëren en de consensus leerden vinden.
Wat elke keer toch weer een beetje steekt, is als mensen met wie je goede gesprekken hebt gehad, toch niet mee instappen. Je wil dat het vooruitgaat en dat de groep uitbreidt, zeker met mensen met wie je een ‘klik’ hebt, maar je kan natuurlijk niets forceren.

Wat zijn in jouw ogen de grootste vooroordelen of misverstanden die er bestaan ten aanzien van cohousing?

Een cohousinggroep wordt al snel gezien als een ‘commune’: alles delen, alles gemeenschappelijk, geen privacy, erg close contacten, enzovoort. Dat is toch wel een misvatting: ieder heeft zijn eigen huis, respect voor privacy is essentieel voor alle toekomstige bewoners. We horen ook vaak sceptische reacties, van mensen die niet geloven dat een consensus altijd haalbaar is en die ervan overtuigd zijn dat er sowieso ruzie zal ontstaan. Wij hebben gemerkt dat een open dialoog altijd werkt, en geloven echt in de mogelijkheden om als groep overeen te blijven komen.

Wie komt er eigenlijk in aanmerking om toe te treden tot zo’n cohousingproject? Is er zoiets al dé ideale cohouser?

Iedereen is welkom, elke persoon is weer een toevoeging aan een rijke, diverse groep mensen met een gedeelde visie. Je moet vooral bereid zijn om compromissen te sluiten, af en toe wat water bij de wijn te doen, je moet moeite willen doen om in overleg met je buren tot een consensus te komen. Anders blijft het niet houdbaar, niet voor jezelf, noch voor de groep.

Welke juridische eigendomsconstructie gebruiken jullie om de cohousing te organiseren?

We richten een vzw op voor de aankoop van de grond en andere contracten. Daarna gaan we over in een vereniging van mede-eigenaars, vergelijkbaar met een appartementsgebouw.

Wat is er in jullie cohousingproject gemeenschappelijk en wat is er privé? Delen jullie ook auto’s?

We bouwen elk onze privéwoning met een tuintje of terras. Er wordt gezamenlijk geparkeerd aan de rand van het veld, er komt een paviljoen met een polyvalente ruimte en keuken en nog meer gedeelde ruimtes. Verder delen we een grote, centrale tuin, met speeltuigen voor de kinderen en misschien wel een moestuin. Ook heel wat spullen kunnen gedeeld worden: een grasmaaier, een boormachine, noem maar op. Autodelen kan in de buurt met Cambio, maar ook onderling autodelen is zeker ook een optie. Als we samen een uitstap maken, carpoolen we nu al zo veel mogelijk.

Hoe vaak spreken jullie gemiddeld af om noodzakelijke regelingen te treffen?

We zien elkaar elk tweede weekend van de maand (afwisselend zaterdag en zondag) met de hele groep in een zaaltje dat we mogen gebruiken. Er wordt dan ook telkens kinderopvang voorzien door een of twee groepsleden bij iemand thuis. Daarnaast werken we met verschillende werkgroepen, die afhankelijk van de hoeveelheid werk regelmatiger of minder vaak samenkomen. Gemiddeld is dat ook één keer per maand. Er is een technische werkgroep, een juridisch-financiële werkgroep, een werkgroep rond groepsvorming en een werkgroep communicatie.

Meer info?

De website van Cohousing Waasland, waar mensen ook kunnen inschrijven op een tweemaandelijkse nieuwsbrief: www.cohousingwaasland.be.

Op Facebook bestaat er een open groep: www.facebook.com/groups/cohousingwaasland.